Waarom verlangen we terug naar oudere media?

Wanneer was de laatste keer dat je een film keek zonder tussendoor op je telefoon te kijken? Dat je een foto maakte met een digitale camera, in plaats van automatisch je smartphone te pakken? Of een kort gesprek voerde met een kassamedewerker in plaats van de zelfscankassa te gebruiken? 

Altijd aan 

We leven in een 24/7 wereld van altijd bereikbaar, altijd online, altijd toegankelijk. Wat ooit gemak betekende, voelt voor veel mensen inmiddels als een constante druk. We worden wakker met meldingen en gaan ermee naar bed. Onze telefoon is wekker, agenda, camera, muziekspeler en sociale ontmoetingsplek in een. 

Uit onderzoek blijkt dat jongvolwassenen tussen de 16 en 25 jaar in 2020 gemiddeld 6 tot 7 uur per dag. Een scherm gebruikten op een doordeweekse dag voor studie, werk en vrije tijd. Meer dan de helft (70 procent) vindt zelf dat dit eigenlijk te veel is. 

Daarnaast gebruikt 84 procent van de jongvolwassenen een scherm vlak voor het slapengaan en 65 procent direct na het wakker worden. Het scherm is daarmee letterlijk het eerste en laatste wat veel jongeren zien op een dag. 87,2 procent van de middelbare scholieren is (bijna) dagelijks actief op sociale media. Dat percentage is gestegen ten opzichte van voor corona.  

 

Wat doen constante prikkels met je brein? 

Ons brein is niet gemaakt om voortdurend te schakelen tussen meldingen, apps en informatie. Elk bericht activeert een klein moment van alertheid. Je aandacht verschuift, je focus wordt onderbroken en je hersenen moeten zich telkens opnieuw aanpassen. Dat kost energie. Het kan ervoor zorgen dat je sneller vermoeid raakt.

Daarnaast speelt beloning een rol. Elke melding of nieuwe update kan een kleine dosis dopamine geven, een stofje in je hersenen dat betrokken is bij motivatie en verwachting. 

Hierdoor ontstaat de drang om steeds opnieuw je telefoon te checken, zelfs zonder duidelijke reden. Niet omdat het moet, maar omdat je brein gewend raakt aan die constante prikkel. Wanneer je kiest voor minder functies of een apparaat met een duidelijke taak, gebeurt er iets anders. Je brein hoeft niet te schakelen. Er is minder keuze. Dat geeft je brein de kans om te vertragen. 

Minder technologie maar meer controle  

Opvallend genoeg zijn het juist jongeren, opgegroeid met smartphones en streamingdiensten, die teruggrijpen naar oudere media. Cd’s worden weer gekocht. Digitale camera’s zijn populair. Draadoordopjes die een terugkomst maken. 

Waarom grijpen jongeren naar dit soort media? Omdat fysieke kanalen iets vraagt wat digitale media vaak niet doen, namelijk aandacht. 
 Een cd-speler speelt alleen muziek af en een camera maakt alleen foto’s.  

Het is een reactie. 

Het is een antwoord op de constante bereikbaarheid, op de snelheid, op de druk om altijd zichtbaar en beschikbaar te zijn. 

“Terug naar nul” gaat niet over terug in de tijd. 
Het gaat over zoeken naar balans. In een wereld die nooit stilstaat, voelt terug naar minder technologie soms als de enige manier om weer even adem te halen.